Hoe wordt geteld?
Zeehondentellingen in Nederland gebeuren al sinds de jaren '60. Sinds de jaren '90 zijn ze gestandaardiseerd, en wordt het werk uitgevoerd door Wageningen Marine Research (voorheen IMARES) in opdracht van het Ministerie van LNV. De methode: vliegtuig-tellingen tijdens specifieke maanden, op vaste routes, bij laagwater wanneer zeehonden op zandplaten en kwelders liggen.
Voor de gewone zeehond wordt geteld in de zomermaanden (juni–augustus), de periode van geboorte en verharing waarin de dieren langer en zichtbaarder op het droge liggen. Voor de grijze zeehond zijn er twee tellingen per jaar: in de winter (november–februari) tijdens de zoogperiode, en in het voorjaar tijdens de verharing.
De cijfers zijn minimumschattingen: alleen dieren die op het droge liggen worden geteld. Zwemmende of foeragerende dieren worden gemist. Statistici corrigeren met "haul-out factors" — schatte percentages van de populatie die op een gemiddeld telmoment op het droge ligt. De ware populatie is daardoor mogelijk 20–40% hoger dan het ruwe telgetal.
De Nederlandse tellingen zijn afgestemd met die in Duitsland (Schleswig-Holstein, Niedersachsen) en Denemarken via het Trilateral Wadden Sea Secretariat (TWSS). Op één dag in juni en één dag in november vliegen teams gelijktijdig boven hun stuk Waddenzee, zodat dubbeltellingen worden voorkomen.
Gewone zeehond — Nederlandse Waddenzee
De Nederlandse Waddenzee-populatie van de gewone zeehond herstelde gestaag vanaf het jachtverbod in 1962, met name na de PDV-tegenslag van 1988 en 2002. Tussen 2013 en 2018 bereikte de populatie een piek van rond de 7.000 dieren. Sindsdien is de groei gestagneerd en de laatste jaren licht gedaald. De telling van 2024 rapporteert ongeveer 6.000 gewone zeehonden in de Nederlandse Waddenzee.
| Jaar (telling) | Gewone zeehond NL-Waddenzee | Trend |
|---|---|---|
| ~1960 | enkele honderden | dieptepunt |
| 1988 | ~2.500 (na uitbraak) | PDV-klap |
| 2002 | ~3.500 (na uitbraak) | PDV-klap |
| 2013 | ~7.000 | piek bereikt |
| 2018 | ~7.000 | stagnatie begint |
| 2024 | ~6.000 | lichte afname |
Let op: exacte cijfers verschillen per bron en per telmoment. Wageningen Marine Research publiceert jaarlijkse rapporten met de meest exacte getallen; gebruik altijd het meest recente jaarrapport voor citatie.
Grijze zeehond — Nederlandse Waddenzee
De grijze zeehond is hét succesverhaal van de Nederlandse zeezoogdieren. Vrijwel afwezig in 1980, eerste pup in 1985, en in 2024 ongeveer 7.800 dieren in de Nederlandse Waddenzee. De Richel tussen Vlieland en Terschelling is de belangrijkste kraamkamer; daarnaast leven groepen op Rottumerplaat, Engelsmanplaat en Schiermonnikoog-noord.
| Jaar | Grijze zeehond NL-Waddenzee | Mijlpaal |
|---|---|---|
| 1980 | enkele tientallen zwervers | terugkeer begint |
| 1985 | — | eerste pup in eeuwen |
| 2000 | ~600 | stabiele kolonie |
| 2015 | ~4.000 | versnelde groei |
| 2020 | ~6.500 | — |
| 2024 | ~7.800 | doorgaande groei |
De groei lijkt de afgelopen jaren af te vlakken; ecologen verwachten dat de Nederlandse Waddenzee mogelijk dichtbij zijn draagkracht voor de grijze zeehond komt. Definitieve uitspraken vergen meer tijdreeksen.
Delta — Voordelta, Oosterschelde, Westerschelde
Naast de Waddenzee is de Delta het tweede zeehondenleefgebied van Nederland. Hier zijn beide soorten in opmars:
- Gewone zeehond Delta: ongeveer 1.500 dieren in 2024, vooral in de Voordelta en op de Hooge Platen.
- Grijze zeehond Delta: enkele honderden dieren, met een groeiende kraamkamer op de Roggenplaat en in de Voordelta. Eerste actieve voortplanting werd rond 2014–2015 vastgesteld.
De Delta-tellingen worden eveneens uitgevoerd door Wageningen Marine Research. Voor lokale details zie Delta.
Trends en hypotheses voor de stagnatie gewone zeehond
Waarom stagneert en daalt de gewone zeehond sinds 2018, terwijl de grijze nog groeit? Onderzoekers werken aan meerdere niet-uitsluitende hypotheses:
- Voedselconcurrentie met de grijze zeehond. De grijze is groter, eet veel kabeljauwachtigen, en kan op dezelfde plekken zwemmen. Bij stevige groei van de grijze populatie kan dit drukken op het voedselaanbod voor de kleinere gewone.
- Predatie door grijze zeehonden op pups van de gewone. Sinds 2010 zijn er bevestigde gevallen waarin grijze zeehonden gewone pups aanvallen en doden. De omvang is omstreden, mogelijk significant.
- Lokale ziekte-incidenten, waaronder vogelgriep (H5N1) sinds 2022.
- Veranderend voedselaanbod door klimaat en visserij.
- Draagkracht bereikt. Mogelijk zit de gewone zeehond op of dicht bij de natuurlijke maximum-populatie voor de Nederlandse Waddenzee.
De Trilaterale Wadden Sea Conferentie van 2022 noemde de stagnatie expliciet als aandachtspunt. Vervolgonderzoek loopt; lees meer over de oorzaken op bedreigingen.
Trilaterale Waddencijfers
Zeehonden trekken over landsgrenzen. Voor het totaalbeeld zijn de trilaterale cijfers (NL + Duitsland + Denemarken) relevanter dan het Nederlandse deel alleen. De cijfers van 2024 (afgerond, indicatief):
| Soort | NL | DE (Schleswig-Holstein + Niedersachsen) | DK | Totaal Waddenzee |
|---|---|---|---|---|
| Gewone zeehond | ~6.000 | ~17.000 | ~3.500 | ~26.500 |
| Grijze zeehond | ~7.800 | ~3.000–4.000 | enkele honderden | ~11.500 |
Bovenstaande cijfers zijn afgeronde indicaties; raadpleeg voor exacte getallen het meest recente TWSS-rapport ("Wadden Sea Seal Report").
Bronnen
De officiële, jaarlijks bijgewerkte bronnen voor Nederlandse en trilaterale zeehondencijfers zijn:
- Wageningen Marine Research — jaarlijkse Nederlandse telrapportages voor gewone en grijze zeehond, in opdracht van LNV.
- Trilateral Wadden Sea Secretariat (TWSS / CWSS) — gezamenlijke jaarverslagen "Wadden Sea Harbour Seals" en "Wadden Sea Grey Seals" met cijfers per deelregio.
- Compendium voor de Leefomgeving (CLO) — Nederlandse natuurindicatoren met grafieken en lange tijdreeksen.
- Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) — geaggregeerde data over zeezoogdieren in Nederlandse wateren.
Wij actualiseren deze pagina jaarlijks zodra het nieuwe rapport van Wageningen Marine Research verschijnt — meestal in het najaar. Cijfers op deze pagina zijn indicatief; voor wetenschappelijk gebruik raadpleeg altijd het origineel.