Hoe slapen ze?
Zeehonden brengen ongeveer een derde van hun leven op het droge door, twee derde in zee. Ze slapen op allebei de plekken — en zelfs onder water. De slaap is niet zoals die van een mens of een hond: zeehonden dommelen in korte cycli van 5 tot 20 minuten, met tussendoor adempauzes aan het oppervlak. Een volwassen zeehond komt over een etmaal genomen op zo'n 6 tot 10 uur slaap, vaak verspreid over tientallen sluimerfases.
1. Drijvend aan het oppervlak ("flessen")
De bekendste slaaphouding is het flessen: de zeehond hangt verticaal in het water met alleen de neus boven het oppervlak, als een fles die uit een bak steekt. Vooral grijze zeehonden in beschutte baaien doen dit. Het is een efficiënte rust: ademhalen vraagt geen moeite, en de dikke speklaag houdt het dier drijvend zonder spieractiviteit. Soms zie je een dier ook op zijn rug drijven, met de buik omhoog.
2. Op de bodem in ondiep water
In ondiepe wateren (tot 30 meter) kan een zeehond ook gewoon op de zeebodem gaan liggen, ineengerold, en daar slapen. Iedere paar minuten zwemt hij in een paar slagen omhoog, ademt, en zinkt weer terug. Voor de waarnemer aan de oppervlakte lijkt het dier verdwenen — maar hij ligt rustig vier of vijf meter onder je voeten te slapen. Dit gedrag wordt vooral gezien bij gewone zeehonden in de Waddenzee.
3. Op het droge
De diepste, langste slaap vindt plaats op een droogvallende zandplaat. Daar liggen zeehonden urenlang volledig stil, soms zelfs op hun rug. Onderzoek aan echte zeehonden laat zien dat ze zowel op het land als onder water in diepe slaap én REM-slaap kunnen komen. Toch zijn rustige droogvallende banken belangrijk: daar rusten ze, verteren ze, warmen ze op en zogen ze hun jongen. Verstoring van rustplaatsen kost hun dus energie en rust.
Slapen met ingehouden adem
Mensen ademen automatisch. Onze hersenstam reageert op een stijgende CO₂-spiegel met een sterke drang om in te ademen. Zeehonden ademen uit voordat ze onderduiken en houden daarna hun adem in, ook als ze slapen. Ze verdragen veel hogere CO₂-waarden dan wij en hebben grote zuurstofreserves in bloed en spieren. Daardoor kunnen ze minutenlang onder water sluimeren en komen ze uit zichzelf weer boven om te ademen. Raken ze verstrikt in een net, dan kunnen ze niet naar boven en verdrinken ze uiteindelijk alsnog.
De cyclus van korte sluimering
Wetenschappers die zeehonden in onderzoektanks hebben bestudeerd, beschreven een typische slaapcyclus als volgt:
- Diep ademen aan het oppervlak (3–5 ademteugen).
- Onderwater zinken, soms tot op de bodem.
- 5–15 minuten sluimerfase met sterk verlaagde hartslag (van 100 naar 10 slagen per minuut).
- Automatisch ontwaken en in een paar slagen naar het oppervlak.
- Herhaling.
De fysiologische trucs die dit mogelijk maken — hoog myoglobinegehalte in spieren, vertraagde hartslag, herverdeling van bloed naar kerngebied — zijn dezelfde die zeehonden bij gewone duiken inzetten. Lees daar meer over in hoe diep duikt een zeehond.
Verschil met dolfijnen
Dolfijnen vertonen unihemisferische slaap: één hersenhelft slaapt om de beurt, de andere blijft alert. Bij echte zeehonden, zoals onze gewone en grijze zeehond, is dat anders: hersenonderzoek laat zien dat bij hen beide hersenhelften tegelijk slapen, ook onder water terwijl ze hun adem inhouden. Bij oorrobben (zeeleeuwen en pelsrobben) is het weer anders: zij slapen in het water vaak met één hersenhelft, net als dolfijnen.
Pups van de gewone zeehond zwemmen al binnen een uur na geboorte, en leren tijdens hun eerste weken zelfstandig hoe en waar ze kunnen rusten. Een aangespoelde, vermagerde pup heeft vaak slaaptekort als gevolg van verstoring — een argument om zandplaten met rust te laten. Vind je een verzwakte zeehond? Volg dan ons huiler-protocol.
Meer feitelijke antwoorden?
Terug naar de kennisbank voor alle veelgestelde vragen — kort en helder beantwoord.